Beleidsbrief Sport

De federaties maken elk jaar een jaaractieplan op. De ministers doen dat, op een andere manier weliswaar, via hun beleidsbrieven. In dit artikel neemt VSF de beleidsbrief Sport van minister Muyters onder de loep. We focussen op een aantal realisaties van het voorbije jaar en op zijn plannen voor 2018.

Beleidsbrief voor dummies

Een beleidsbrief…wat is dat? In het najaar maakt elke minister voor zijn of haar beleidsdomeinen een beleidsbrief op. In de beleidsbrief geeft de minister onder andere een overzicht van de manier waarop de begroting uitgevoerd werd tijdens het lopende jaar, het beleid dat de minister tijdens het volgende jaar wil voeren en de manier waarop de regering de belangrijkste decreten heeft uitgevoerd (en al dan niet nieuwe decreten wil voorstellen).

 

 

Beleidsbrief Sport in vogelvlucht

De beleidsbrief Sport bevat 8 strategische doelstellingen, met daaronder operationele doelstellingen. Niet elke doelstelling is even SMART geformuleerd, maar ze geven wel duidelijk aan waar het Vlaams sportbeleid op inzet:

  1. Faciliteren van breedtesport via diverse partnerships
  2. Optimaliseren van het aanbod van sportinfrastructuur
  3. Het gezond en ethisch sportklimaat blijven versterken
  4. Werken aan een dopingvrij Vlaanderen
  5. Investeren in kwaliteit, professionalisering en tewerkstelling
  6. Ontwikkelen en delen van kennis en promoten van de sport
  7. Meer rendement halen uit het beschikbare topsportpotentieel
  8. Constructief bijdragen aan internationaal sportbeleid
  9. Bijdrage sport aan horizontaal en transversaal beleid
De minister kiest voor een stabiel beleid in 2018, met enkele positieve wenken voor de federaties

We lezen niet veel zeer vernieuwende plannen voor 2018. Er wordt voornamelijk voortgebouwd op het huidige sportbeleid, met hier en daar wat extra concrete initiatieven. De minister kiest voor een stabiel beleid in 2018, met enkele positieve wenken voor de federaties zoals een verhoging van het budget voor de beleidsfocus jeugdsport (1 miljoen euro) en topsport (1 miljoen recurrent en 3 miljoen euro in 2018), enkele aanpassingen binnen de Vlaamse Trainersschool (VTS) en de langverwachte invoering van het statuut voor de sportbegeleider.

Sportfederaties

De minister wijst op het belang van het decreet voor de georganiseerde sportsector. Hij geeft een overzicht van de gesubsidieerde en gefuseerde federaties. Daarnaast geeft hij aan: “Bij de afrekening van de algemene werkingssubsidie 2017 in juni 2018 zal een eerste keer blijken welke impact de nieuwe kwalitatieve subsidiecriteria hebben op de financiering van de basiswerking van de gesubsidieerde sportfederaties. (…) Dit zal voor de betrokken sportfederaties een referentiepunt zijn dat hen in staat stelt na te gaan in hoeverre ze beantwoorden aan de kwaliteitsprincipes van het nieuwe decreet (…). Het e-platform zal uitgebreid worden met een rapporteringsmodule waarin de erkende en gesubsidieerde actoren hun financieel verslag en hun werkingsverslag over het voorbije werkingsjaar digitaal kunnen indienen. In 2018 wordt voor de beleidsfocus jeugdsport een extra impuls van 1 miljoen euro voorzien.”

Op vlak van topsport stelt de beleidsbrief: “In de olympiade Tokyo (2017-2020) zal minimaal 90% van alle Vlaamse topsportmiddelen ingezet worden voor olympische disciplines, met een strikt onderscheid tussen kortetermijnwerking (maximaal 55%) en (middel)langetermijnwerking (minimaal 35%). Maximaal 4% van de beschikbare middelen wordt bestemd voor paralympische disciplines, maximaal 2% voor niet-olympische disciplines en maximaal 4% voor sporttakoverschrijdende initiatieven. Vanaf 2018 verhogen we het topsportbudget met 1 miljoen euro en voorzien we eenmalig 3 miljoen extra in functie van de werkingsmiddelen topsport.” En er wordt verwezen naar diverse acties (in uitvoering) binnen het Topsportactieplan Vlaanderen IV.

 

Andere breedtesportinitiatieven

De beleidsbrief geeft aan dat de taken van Sport Vlaanderen worden uitgebreid, door de overheveling van de provinciale bevoegdheden naar het Vlaamse of lokale niveau, met: G-sport, regiowerking, bovenlokale sportevenementen, bovenlokale sportinfrastructuur, sport, natuur en ruimtelijke ordening en uitleendiensten sportmateriaal.

Uit een analyse van de deelnamecijfers van Sport na School bleek dat er een ondervertegenwoordiging is van de leerlingen uit de eerste graad secundair onderwijs. Daarom werd via twee proefprojecten een laagdrempelig naschools sportaanbod op de school zelf ontwikkeld. Dit wordt verder uitgerold in Vlaanderen in 2018. Voor Sport Na School werd een app ontwikkeld die in 2018 in alle provincies wordt gehanteerd. Het decreet Sport in het Hoger Onderwijs zal worden aangepast, maar de beleidsbrief geeft geen duidelijkheid over de inhoud van de aanpassingen.

Op vlak van het sportaanbod op maat van de beroepsactieve bevolking lanceerde Muyters in 2017, in samenwerking met VDAB, VOKA, Unizo en NSZ, het actieplan “Sport op het werk”. In 2017 lag de focus op het promoten van de “sport- en beweegscan” bij bedrijven: een digitale bevraging om de sportieve behoeften van de werkgever en werknemer in kaart te brengen. De minister wil hier duidelijk verder op inzetten in 2018. Zo zal men de betrokkenheid van steden en gemeenten proberen te verhogen en zullen meer bedrijvensportdagen naar de Sport Vlaanderen-centra getrokken worden.

Voor de subsidiëring van sportevenementen werden vijf categorieën afgebakend:

  • Europese Kampioenschappen, Wereldkampioenschappen en kwalificatietornooien voor EK’s, WK’s en Olympische Spelen,
  • Internationale topsportevenementen,
  • Internationale sportevenementen,
  • Sportevenementen met een bovenlokale uitstraling en een competitief karakter,
  • Sportevenementen met een bovenlokale uitstraling en een recreatief karakter.

Alle info vind je hier terug: www.sport.vlaanderen/organisatoren-sportevenementen.

Daarnaast werden er ook voor de ondersteuning van G-sportevenementen met een bovenlokaal karakter twee categorieën ontwikkeld: internationale G-sportevenementen en laagdrempelige G-sportevenementen. Voor federaties is het zeker nuttig de gewijzigde reglementen door te nemen, en te bekijken welke federatie- of clubactiviteiten in aanmerking kunnen komen.

Een aantal nieuwe concrete zaken waar Sport Vlaanderen actief op heeft ingezet het afgelopen jaar of zal op inzetten in 2018:

  • Sport Vlaanderen organiseerde zelf een aantal zaken: een innovatief klimkamp, een voetbal- en cyclocrosskamp exclusief voor meisjes, gezinssportkampen (korte sportieve vakantie voor het hele gezin)
  • Er werd een nieuw concept voor de fit-o-meter uitgewerkt.
  • In 2018 start het Vlaams beleid een aantal verkorte lessenreeksen (turbo lessen) in nieuwe en urban sporten zoals free running, slack line, …
  • Sport Vlaanderen ondersteunde opnieuw de “Mon Ventoux”-campagne van Sporta.
  • Tot eind 2017 ondersteunde Sport Vlaanderen “The Vertical Club”. In dit project proeven jonge vluchtelingen van de klimsport en werken ze gelijktijdig aan diverse persoonlijke competenties. De klimsport kan daarbij een tussenstap zijn naar een opleiding en tewerkstelling als hoogtewerker.
  • De Sportinfrastructuurdatabank Vlaanderen werd geüpdatet en er werd gestart met een integratietraject van alle databanken van Sport Vlaanderen in één globale databank.
  • Sport Vlaanderen zal in samenwerking met TomorrowLab een analyse uitvoeren over hoe sport zal veranderen in de toekomst en welke impact dit zal hebben op Sport Vlaanderen als organisatie (“Sport in Vlaanderen 2040”).
  • De minister wil inzetten op een sportpromotiebeleid waarbij de verschillende elementen elkaar versterken. De boodschap #sportersbelevenmeer blijft de overkoepelende kapstok. Topsporters onder contract bij Sport Vlaanderen zullen gevraagd worden om de boodschap van de Vlaamse campagnes actief mee uit te dragen, net als de door Vlaanderen gesubsidieerde evenementen.


Sportinfrastructuur

Op vlak van sportinfrastructuur bewoog er in 2017 heel wat:

  • In het voorjaar van 2017 selecteerde de Vlaamse regering 25 nieuwbouw- of renovatieprojecten in het kader van de tweede projectoproep zwembaden. In combinatie met de projectoproep van 2015 werden in totaal al 44 zwembadprojecten in Vlaanderen financieel ondersteund.
  • In 2017 werd een oproep gelanceerd voor bovenlokale sportinfrastructuurprojecten. De eerste indienronde (september 2017) is achter de rug, vanaf 2018 ligt de deadline voor indiening van dossiers telkens op 31 maart.
  • In het najaar van 2017 werd, samen met minister van onderwijs Hilde Crevits, , een tweede projectoproep “naschools openstellen van schoolsportinfrastructuur” gelanceerd om scholen aan te zetten hun (bestaande) schoolsportinfrastructuur te verbeteren en naschools open te stellen. Nieuw is dat ook hogescholen en universiteiten kunnen indienen, en ook andere overdekte sportinfrastructuur (vb. zwembaden) komen in aanmerking. Bij de selectie van deze projecten zal voortaan ook rekening worden gehouden met het sportaanbod net na de schooluren.
  • Met de visienota 2020 keurde de Vlaamse regering een visie goed voor de evaluatie en ontwikkeling van de centra van Sport Vlaanderen. De visienota legt de vier prioritaire bovenlokale functies vast (topsporttrainingsinfrastructuur, sporten promoten, opleidingen en bijzondere bovenlokale sportinfrastructuur) en een doelstellingenkader voor “centers of excellence”.

Gezond en ethisch sporten

Op vlak van ethiek geeft de minister aan dat integriteit het prioritaire thema zal blijven, naast het feit dat ICES inzet op “sportouders” voor federaties en andere sportorganisaties die hierrond aan de slag willen. ICES zal versterkt worden op vlak van integriteit, zodat de ondersteuning van de brede sportsector geoptimaliseerd kan worden.

Rond doping werd een nieuwe gids voor de sportfederaties ontwikkeld. Daarin staat informatie over wat doping nu juist is, het verloop van dopingcontroles, de verantwoordelijkheid van de sporter, de verboden lijst, de toestemming wegens therapeutische noodzaak en de mogelijke sancties bij de vaststelling van dopingpraktijken. Het is voor minister Muyters daarbij de bedoeling dat de sporters daarover bijkomend geïnformeerd worden via de aangestelde contactpunten antidoping en de elitesporters verder rechtstreekse informatie aangereikt krijgen.

Sportbegeleiders

De trainersopleidingen in meer dan 50 sporttakken resulteerden in 2017 in meer dan 5.500 nieuw gekwalificeerde sportbegeleiders. Naast het opleidingsaanbod werd het aanbod aan VTS Plus-bijscholingen uitgebreid tot meer dan 40 sporttakoverschrijdende bijscholingsmomenten. Voor 2018 worden volgende zaken gepland:

  • De basismodule Algemeen Gedeelte Instructeur B kan vanaf 2018 sporttakspecifiek ingevuld worden. VTS zal mogelijkheden tot zelfstudie aanbieden voor de leerstof van deze basismodule.
  • In samenwerking met de sportsector en in nauw overleg met het lerend netwerk onderzoekt VTS de opportuniteiten van nieuwe werkvormen in het onderwijs (bv. flipped classroom, e-learning, e-books, enz.) met het oog op de opstart van een innovatieve leeromgeving. Cursisten moeten op eigen tempo en op basis van kritische zelfreflectie in staat zijn de nodige competenties te vergaren.
  • Het project “Coachen met de M-factor” wordt verder uitgewerkt in samenwerking met de projectpartners om de VTS-opleidingen verder te verrijken.
  • De Strategische Stuurgroep VTS maakt verder werk van de toekomstvisie richting 2025.
  • In december 2018 wordt de achtste editie van de Dag van de Trainer georganiseerd in samenwerking met de VTS-partners.

Op vlak van “het statuut van de sportbegeleider” (of verenigingswerk) zal het sportbeleid de sportsector actief informeren over dit nieuwe statuut, de concrete modaliteiten en de toepassingsmogelijkheden, zodat de opportuniteiten van dit nieuwe statuut optimaal kunnen benut worden. De minister kondigt daarnaast aan dat hij samen met Sportwerk Vlaanderen op zoek gaat naar drempelverlagende en flexibele mogelijkheden voor de sportclubs om professionele lesgevers aan te stellen.

Auteur: 
Sophie Cools