Fusie: Wind en Watersport Vlaanderen

Eind vorig jaar fuseerden de Vlaamse Yachting Federatie en VVW Recrea tot één unisportfederatie, in de aanloop naar het nieuwe decreet op de georganiseerde sportsector. De nieuwe organisatie koos ook meteen een nieuwe naam: Wind en Watersport Vlaanderen. Wij polsten eens bij voorzitter Bart Van Hooreweghe naar de huidige en toekomstige werking binnen de federatie. 

Fusie

Welke meerwaarde(n) heeft beide federaties ertoe aangezet om de handen in elkaar te slaan?

Er waren vele redenen, ik som er enkele op. Een grotere schaalgrootte (meer personeel voor eenzelfde aantal sportdisciplines) biedt kansen op een nog betere dienstverlening en op innoverende projecten. De federatiemedewerkers kunnen nu meer projecten aanpakken en/of degelijker afwerken. De werkdruk blijft hoog, maar is wellicht haalbaarder.

Onze topsport kan niet zonder breedtewerking. Die breedtewerking kunnen we dankzij de fusie in meer clubs beter gestalte geven. De vroegere VVW Recrea clubs hadden sporters die wilden deelnemen aan een nationale competitie, waarvoor je echter aangesloten moest zijn bij de unisportfederatie. Dit probleem is definitief van de baan. 

Problemen tussen clubs werden soms problemen tussen federaties. Elke federatie kwam op voor het belang van zijn lid. Dergelijke problemen zijn met de fusie niet verdwenen, maar kunnen beter en objectiever aangepakt worden. Dankzij de fusie hebben we een sterkere vertegenwoordiging van onze leden in diverse overlegorganen en naar de overheid toe.

We zijn een sportfederatie, die breed actief is in vele disciplines : zeilen, windsurfen, golfsurfen, suppen, zeilwagenrijden,...

Voor de decretale verzekering zijn we zelfs verder gegaan dan de huidige fusiegedachte. Dit door samen met de Vlaamse Roeiliga en de Vlaamse Kano en Kajakfederatie een blokpolis af te sluiten bij onze trouwe verzekeringspartner Arena. Maar ondanks deze goede argumenten was het fusieproces absoluut geen gemakkelijke klus. Zowel op psychologisch vlak, op organisatorisch als op financieel vlak waren de uitdagingen groot.

Financieel is er stevig gerekend. De loonkost van het over te nemen (oudere) personeel van VVW Recrea bijvoorbeeld weegt zwaar door in de middelen van de fusiefederatie. Zonder de extra steun en overgangsmaatregelen die de Vlaamse overheid voorzien heeft, zou de fusie geen haalbare kaart geweest zijn.

 

Huisstijl

Om de doorstart en de nieuwe olympiade extra in de verf te zetten, hebben jullie er begin dit jaar ook voor gekozen om de federatie een nieuwe naam te geven: Wind en Watersport Vlaanderen. Hoe verliep dit rebranding proces? Welke boodschap dragen jullie uit met deze nieuwe naam? 

De betrokkenheid van onze leden was voor ons belangrijk. Het was een unieke kans om de fusie zichtbaar te maken bij onze clubs en sporters. We hebben dan ook een brede bevraging georganiseerd. Iedereen, clubs en clubleden, konden voorstellen indienen. We hebben er een 30-tal ontvangen. Er waren drie tendensen in deze voorstellen: de sporttakken zelf benoemen (“Zeil en Surf Vlaanderen” en varianten), een bredere, herkenbare benaming zoals “Watersport Vlaanderen” of een benaming die refereerde naar een symbool uit bijvoorbeeld de mythologie. Het personeel van de fusiefederatie werd gevraagd twee tot drie voorstellen uit de zo samengestelde lijst met een motivatie aan het bestuur voor te leggen.  

Uiteindelijk werd gekozen voor Wind en Watersport Vlaanderen, omdat daarin alles vervat ligt. We zijn een sportfederatie, die breed actief is in vele disciplines : zeilen, windsurfen, golfsurfen, suppen, zeilwagenrijden,... We zijn ook een Vlaamse federatie met een heel nauwe, constructieve samenwerking met onze subsidiërende overheid Sport Vlaanderen.

Maar de omgang met de natuurelementen is wat ons bindt. Onze sporters hebben altijd de blik gericht op water en wind. Hoe zit het met de stroming, golfhoogte, diepgang van het water? Zal er een goede branding zijn? Wat zal de richting, sterkte, verandering van de wind zijn? Daar het maximum uithalen, dat vormt voor ons de uitdaging. En dat willen we met onze naam uitdragen.

We hielden tezelfdertijd natuurlijk ook rekening met bestaande namen (of afkortingen), die reeds door andere organisaties gebruikt werden.

WSV bijvoorbeeld staat voor Waterski Vlaanderen. Watersport Vlaanderen was dus geen goede optie. 

Maar het zal wat tijd en inspanning vergen om de naam ingang te doen vinden. VYF was immers een sterk merk geworden. En gemakkelijk uitspreekbaar. WWSV is dat minder. Dat de Y in VYF voor yachting stond, en dat deze vlag de lading eigenlijk niet (meer) dekte, wisten niet velen meer. Maar ik ben blij met de naamkeuze. Ze geeft op een sterke manier weer waar het plezier in onze sportbeleving zit. En ze markeert voor de federatie een nieuwe episode.

Bij de zoektocht naar een nieuwe naam hebben we geen professionele hulp gezocht. Nu werken we ook aan een nieuw logo en grafische huisstijl. En dat is al helemaal niet eenvoudig. Hiervoor hebben we wel een professionele partner ingeschakeld. We hopen eind juni de nieuwe huisstijl te lanceren.

Topsport- en recreatief aanbod 

Bij de verdeling van de financiële middelen over de topsportfederaties, bleek dat zeilen sterk in de lift zit (+37%). Welk effect zal dit hebben op jullie topsportwerking? 

De situatie is een beetje complexer dan een procentuele verhoging van de middelen. De modaliteiten van financiering zijn drastisch gewijzigd. Ze worden nu gekoppeld aan ontwikkelings- en prestatieprogramma’s. Door deze prestatieprogramma’s is de druk voor permanente resultaten op hoog niveau en op korte termijn verhoogd. Een deel van de middelen zullen pas verworven zijn als onze sporters aan de verwachtingen blijven voldoen.

In deze financiering zit tevens de nieuwe functie van technisch directeur vervat. Dit biedt betere mogelijkheden tot verdere professionalisering van onze topsportwerking, de uitbouw van een degelijke ondersteuning voor coaches en sporters en een integratie van de topsportwerking in de federatiewerking.

De verhoging van de middelen is overigens ook gekoppeld aan een uitbreiding van de disciplines in onze topsportwerking: het spectaculaire catamaranzeilen op Nacra 17 komt erbij. Dit uitbouwen en waarmaken is een ambitieus project, waarvoor we nu extra mogelijkheden krijgen.

Naast topsport moeten jullie als unisportfederatie ook een relevant en kwalitatief recreatief sportaanbod uitwerken. In jullie sport niet meteen een evidente opdracht. Hoe pakt jullie federatie dit aan?

We bieden onze clubs een waaier aan activiteiten en bijhorende ondersteuning aan, waarmee elke club binnen zijn eigen prioriteiten aan sportpromotie kan doen. Daar zitten een aantal drempelverlagende acties tussen, zoals het IK-watersport project. Deze promotieacties worden ook over federatiegrenzen heen georganiseerd, zoals bij de Watersportdag, waar we als trekker alle watersportfederaties bij elkaar brengen. 

Eenmaal de jonge sporters de weg gevonden hebben naar de club, helpen we om hun eerste stappen naar competitie te zetten. Voor kleinzeilerij is dit via de Q-cup: een eenvoudig wedstrijdcircuit met aangepaste regels en waar je geen eigen materiaal nodig hebt, maar de clubbootjes van de zeilscholen gebruikt worden. Ook voor de surfdisciplines zijn er gelijklopende projecten. 

Een duurzaam kwalitatief aanbod aan (jeugd)scholing in de clubs moedigen we aan via de labels, waarbij o.a. stevig ingezet wordt op de kwalificaties van lesgevers. Clubs die inzetten op jeugd en kwaliteit worden door de federatie beloond. En waar de federatie zeker sterk op inzet, is het werken aan een gezonde en veilige sportbeleving, zeker bij brandingsporten en zeezeilen.

Het zal wat tijd en inspanning vergen om de naam ingang te doen vinden. VYF was immers een sterk merk geworden.

Projecten en initiatieven

Naast de traditionele zeilsport leven in de wind- en watersportwereld veel nieuwe, en snel evoluerende tendensen (kitesurfen, golfsurfen, SUP,...). Hoe spelen jullie in op deze trends? Zien jullie dit als een bedreiging of eerder als opportuniteiten? 

Dit is een geweldige opportuniteit voor onze clubs en onze federatie. De vrijetijdsbeleving evolueert. Lang oefenen om iets te kunnen uitvoeren is out. Het mag wat sneller gaan, wat spectaculairder zijn. Velen verkiezen om in diverse sporten actief te zijn, eerder dan zich volledig toe te leggen op één discipline. Variatie en fun zijn wat meetelt. 

Als federatie vinden we het een uitdaging om die nieuwe watersporten, ook al worden ze ervaren als louter “fun” en als “een hype”, toch duurzaam op te nemen in de sportieve werking van de clubs. We omarmen en ondersteunen ze door het creëren van laagdrempelige kennismakingsinitiatieven zoals Peddelen door Vlaanderen en IKzeil-IKsup. We gaan verder als het niveau van onze sporters stijgt. Een voorbeeld van zo’n evolutie is het golfsurfen, dat we als federatie vrij vroeg (in België!) mee gepromoot hebben. Sinds 2008 zijn we zelfs met een volwaardig golfsurfteam aanwezig op jeugd EK’s en WK’s. Dus lang voor er sprake was van opname van deze discipline in het olympisch programma.

Jullie hebben de handen in elkaar geslagen met Parantee en Sailability Vlaanderen om het G-zeilen en G-surfen te stimuleren. Hoe loopt dit project? Welke meerwaarde heeft die samenwerking voor jullie? 

Een knap project. Onze sporten bieden immers echt wel mogelijkheden voor mensen met een beperking. De beleving van wind en water, de strijd aangaan met deze natuurelementen biedt zowel kansen tot ontspanning als uitdagingen om je eigen grenzen te verleggen, ook voor G-sporters. De federatie heeft ervoor gezorgd dat, via de oprichting van een G-sport commissie, de expertise van Parantee, Sailability Vlaanderen en Recreas hun weg kunnen vinden binnen de werking van onze watersportclubs. Onze clubs hebben mogelijkheden en willen zich ook voor deze doelgroep inzetten, indien er in hun regio een behoefte is bij G-sporters.

De samenwerking heeft alvast tot eerste concrete resultaten geleid. In een aantal clubs zijn kennismakingsactiviteiten georganiseerd of gepland en/of is een G-werking opgestart. De inbreng van expertise van Parantee en Sailability Vlaanderen, en de medewerking en inzet van hun medewerkers, is hierbij zeer belangrijk. 

We hebben overigens ook een samenwerking met Special Olympics, die met hun “unified sailing” (een mentaal gehandicapte zeilt samen met een valide sporter) een eigen invulling geven aan G-sport. Maar het project moet zijn tijd krijgen. Uiteindelijk zal de vraag van G-sporters en hun keuze voor onze sportdisciplines bepalen waar het aanbod blijvend georganiseerd kan worden.

Met het innovatief project “Surf & Sailtrack” willen jullie een online surf- en zeilcompetitie introduceren. Op wie richten jullie zich met dit initiatief en waar komt het idee vandaan? Welke factoren zullen cruciaal zijn om het succesvol uit te voeren? 

Zoals reeds gesteld, de sportbeleving verandert (snel). Ze wordt minder aangestuurd door een aanbod van georganiseerde initiatieven op vaste tijdstippen of clubactiviteiten. Sporters willen meer en meer autonoom hun vrije tijd invullen, zelf de keuze kunnen maken of ze sporten, maar ze blijven wel competitief ingesteld. En ze willen hun ervaring delen met vrienden, al dan niet via sociale media! We werken daarom aan de ontwikkeling van een app die een aantal “challenges” aanbiedt, voor elke sporter of club. Je sportieve prestaties worden gemeten en verwerkt door de app. Je vergelijkt jezelf met alle anderen die deelnemen. Zo verbinden we individuele sporters met de clubs en met elkaar. 

Welke club vaart de 1000 mijl voor goed doel X? Welke zeilwagen heeft tijdens de winter het meeste kilometers op de teller? Wie nam de langste golf tijdens de najaarsstormen? Maar ook: wie sport het meest aantal uren en combineerde het meest aantal zeil- en surfdiciplines? De mogelijkheden zijn eindeloos, het is belangrijk om goed te luisteren naar de sporters en clubs. 

De focus ligt hierbij overigens niet alleen op wie de beste, hoogste of snelste score laat optekenen, maar ook op maatschappelijke engagementen. Zo koppelen we de challenges bijvoorbeeld aan goede doelen. 

De vrijetijdsbeleving evolueert. Lang oefenen om iets te kunnen uitvoeren is out. Het mag wat sneller gaan, wat spectaculairder zijn.

Het idee is gegroeid als partner van het innovatief kitesurf evenement “Gone With The Wind”. Bij deze wedstrijd zijn er een zomer lang online competities in elke surfclub. De kitesurfers tracken hun sprongen en tijd in de lucht (hangtime), en komen zo in een clubranking. Die ranking per club is zowel online te zien, als via een bord (denk aan Top Gear) in het clubhuis. Een evenement bij harde wind tijdens het najaar brengt vervolgens de top van de clubrankings bij elkaar in een mediageniek event. Sporters en clubs worden aangemoedigd om samen te komen en te supporteren. Belangrijk, want de sociale component moet behouden blijven.

Het vinden van de goede technologische insteek binnen het beschikbare budget en het aanwakkeren van het enthousiasme van clubs, sporters en (commerciële) partners om in te stappen, zullen cruciale factoren zijn. 

Tot slot: wat zijn volgens jullie de grootste uitdagingen voor jullie federatie de komende jaren? 

Dat zijn er heel wat, ik som de belangrijkste op. De federatie moet zich voortdurend de vraag stellen hoe we clubs van dienst kunnen zijn en welke competenties we daarvoor in huis moeten hebben of moeten aanboren (bijvoorbeeld via het Dynamo Project). Die dienstverlening moeten we blijven bekendmaken. We moeten hierbij voor ogen houden dat we onder onze leden zowel clubs hebben geleid door vrijwilligers als clubs gerund door professionals. Het aantal sporters in de traditionele disciplines van kleinzeilerij in zwaardboten tot het zeezeilen in jachten moeten we minstens stabiel houden, maar liefst laten groeien. Onder onze huidige jonge zeilertjes in de optimist bootjes bevinden zich onze latere topatleten.

Ondanks de belangrijke steun van Sport Vlaanderen moet de federatie op zoek gaan naar extra financiering zowel voor de globale werking, maar zeker voor de topsportwerking. De competitie moeten we niet alleen betaalbaar houden, we moeten ze ook aantrekkelijker maken. En we moeten stevig inzetten op de opleiding en coaching van nieuwe race officers. 

Onze topsportwerking is tijdens de laatste olympiades sterk geëvolueerd. Sleutelwoorden zijn professionalisering, teamwork en teamdenken, ambitie. Onze manier van werken moet nu verder verfijnd en geconsolideerd worden, zodat we blijvend goede resultaten halen.

Maar ik ben blij hier aan te kunnen toevoegen dat we voor al deze uitdagingen een zeer sterk en super gemotiveerd team aan medewerkers hebben én een degelijke ploeg bestuurders. Zij zullen echt het verschil kunnen maken bij de aanpak van al deze uitdagingen.  

Auteur: 
Geraldine Mattens en Grace Hellinckx