Impact van het nieuwe decreet op de georganiseerde sportsector

Op 10 juni 2016 werd het nieuwe sportfederatiedecreet, officieel gekend als het “decreet houdende de erkenning en subsidiëring van de georganiseerde sportsector”, gepubliceerd. 1 januari 2017 ging het van kracht. Dit nieuwe decreet verschilt op veel vlakken van het oude. 

De personeelssubsidies maakten plaats voor een envelop. Een envelop waarvan de grootte gebaseerd is op een combinatie van parameters en kwaliteitsprincipes (aantal (personeels)leden, aantal nieuw afgeleverde gediplomeerde trainers, aantal gediplomeerde trainers actief in de sportclubs, score op het "goed bestuur" van de federatie). Kortom, zeer grondige veranderingen. Wat zijn de gevolgen? In maart polsten we een eerste maal naar de gevolgen ervan bij onze leden. Een overzicht van de resultaten.

Respons

De bevraging werd door 44 van de 47 gesubsidieerde federaties ingevuld. Een respons van 93%. En of de federaties de verandering voelen. En ze willen er graag ook even hun mening over kwijt. 

Resultaten

Ter info: de resultaten zijn enkel gebaseerd op de antwoorden van de gesubsidieerde sportfederaties, exclusief de Vlaamse Boksliga (gezien zij vorig jaar nog niet gesubsidieerd waren en dus een wezenlijk andere overgang gemaakt hebben van 2016 naar 2017).

Impact op personeel

Verandering hoeft niet per se negatief te zijn. 13 sportfederaties ervaren een positieve impact van het decreet op vlak van personeel. 

Gezien ze...

  • door een fusie extra personeel hebben
  • van de gelegenheid gebruik maken om het organogram en de takenpakketten van de medewerkers te herbekijken
  • meer vrijheid ervaren in de taakinvulling en aanwerving van personeelsleden (door minder diplomavereisten)
  • middelen extra kregen via de beleidsfocussen 

34 federaties ervaren dan weer een negatieve impact. Daarbij zijn er overigens ook federaties die zowel positieve als negatieve gevolgen ervaren. 

Negatieve effecten die nu al plaatsvonden:

  • het moeten ontslaan van personeel (10 federaties, ongeveer 12 VTE)
  • geen vervanging van personeel (8 federaties, ongeveer 4,25 VTE)
  • geplande aanwervingen annuleren (4 federaties, ongeveer 1,5 VTE)
  • wijzigingen in de samenstelling van het personeel (een ouder (duurder) personeelslid vervangen door een jonger (goedkoper) iemand) (1 federatie)

En daarnaast geven nog meer federaties aan deze maatregelen te overwegen in de toekomst. 

De federaties geven ook volgende “andere” negatieve gevolgen op personeelsvlak aan:

  • Er heerst momenteel een klimaat van grote onzekerheid bij het personeel én de raad van bestuur (die mede daarom ook geen aanwervingen (durven) doen).
  • De werkbelasting is sterk verhoogd (door fusies en/of (extra taken) nieuwe decreet).
  • De (minstens gelijk gebleven) werkbelasting moet gedragen worden door minder personen, wat een grote impact heeft op het aanbod en de kwaliteit van de federatie.
  • En op het functioneren van sommige personeelsleden, met meer ziekte, burn-out,...
  • Het feit dat 2015 drie keer als referentiejaar wordt gebruikt voor de bepaling van subsidies zorgt voor bepaalde federaties voor specifieke (als zeer oneerlijk ervaren) problemen.
  • De nog bestaande diplomaverplichtingen worden door som- mige federaties als belastend ervaren, zonder (grote) meerwaarde eraan verbonden.
  • Onzekerheid op vlak van financiën creëert een uitermate moeilijke en weinig vruchtbare situatie. Het feit dat de professionele “DSKO” of “MSKO” net nu op eigen loonkosten genomen dient te worden, vergroot die budgettaire onzekerheid nog. Er is ook een grote vrees voor de stijgende anciënniteitskosten. 

Binnen dit deel van de bevraging komt het woord “onzekerheid” vaak voor. Federaties geven aan dat ze geen zicht hebben op de financiële situatie (dit geldt zowel voor de basissubsidies als voor de beleidsfocussen), wat een degelijk financieel beleid (toch ook een onderdeel van “goed bestuur”) onmogelijk maakt. 

Impact op planlast

Het verlagen van de administratieve last was één van de speerpunten van het nieuwe decreet. Maar slechts één federatie ervaart dit momenteel. 23 federaties (bijna de helft) geven zelfs aan een verhoging van de planlast te ervaren. Een tijdelijk iets gezien de overgang naar het nieuwe decreet of niet? Eentje om op te volgen. 

Impact op werking

26% ervaart een positief effect op de werking, 30% een negatief. De andere ervaren geen specifieke impact.

Genoemde positieve effecten:

  • “Door het decreet (her)bekijken we alles in een kritisch(er) daglicht.”
  • “Code goed bestuur biedt kapstok om zaken te veranderen.”
  • “Er is een extra focus op gediplomeerde trainers.”

Genoemde negatieve effecten:

  • “Financiële onzekerheid (of negatieve realiteit) zorgt voor een afwachtende houding op vlak van nieuwe projecten en investeringen.”
  • “De gekozen outputindicatoren in het decreet dekken niet de totale federatiewerking, wat tot afslanking van essentiële onderdelen kan leiden.”

Impact op concurrentie

De helft van de federaties ervaart een grotere onderlinge concurrentie als gevolg van het nieuwe decreet en dit voornamelijk op vlak van het aantal leden. Op vlak van trainersbeleid geven zes federaties aan concurrentie te voelen, waarbij het voornamelijk om concurrentie tussen uni- en multisportfederatie gaat. 

Duidelijkheid nieuw decreet

We stelden ook nog een aantal vragen over de duidelijkheid van het decreet: hoe (de toepassing van) het decreet in elkaar zit, hoe alles berekend wordt, hoe ze beoordeeld gaan worden, enz. Twee opvallende conclusies:

  • De antwoorden liepen ver uit elkaar: voor sommige federaties is alles duidelijk, voor andere weinig tot niets.
  • Gemiddeld gezien is meer duidelijkheid wenselijk. Bij heel wat vragen geeft minder dan een vierde aan volledige duidelijkheid te hebben. 

Deze blik op de resultaten leert ons dat de gevolgen van het decreet zeer uiteenlopend zijn. Bovendien gaven een aantal federaties ook aan dat het op dit moment nog te vroeg is om de volledige impact van het decreet te kunnen inschatten. Een zeer terechte opmerking waar we ons zeker bij aansluiten. Met deze bevraging wilden we een eerste vinger aan de pols hebben, maar de echte evaluatie en impact van het nieuwe decreet zal nog moeten blijken. We herhalen deze bevraging dan ook dit najaar en in 2018. 

Auteur: 
Sophie Cools