Welke stappen zet VSF in het dossier Vlaamse Trainersschool?

Laatste update: 10 oktober 2018

Sportfederaties en sportclubs vertegenwoordigen is één van de strategische doelstellingen van VSF. We zijn ervan overtuigd dat we vanuit onze positie, en samen met onze leden, impact kunnen realiseren. Daarbij focussen we op een aantal dossiers. We communiceren duidelijk over de stappen die we zetten, ook als ze geen vruchten afwerpen. We vinden die communicatie belangrijk: om onze leden op de hoogte te brengen én om hen mee te activeren, zodat iedereen actief mee kan inzetten op de kracht van de sportsector.

Vlaamse Trainersschool

Binnen de Vlaamse Trainersschool (VTS) zetelt de VSF in de strategische stuurgroep en de task force. We zetten er de laatste jaren  in op het laten horen van wensen en groeikansen van de federaties om de VTS-opleidingen zowel kwalitatief als kwantitatief naar een hoger niveau te brengen. De VSF houdt de vinger aan de pols door een tweetal keer per jaar een overleg te organiseren met een representatieve groep federaties.

Standpunt VSF

Najaar 2018 legt de strategische stuurgroep VTS de laatste hand  aan de strategische visienota VTS 2025. Deze nota dient als basis voor de onderhandelingen in het kader van het Vlaams Regeerakkoord 2019 en de daaruit volgende beleidsnota 2019-2024 van de Vlaams minister van Sport. Enkele speerpunten die belangrijk zijn voor de VSF en de federaties:

  • Verwachtingen sportkaderopleidingen
    Er is een steeds stijgende verwachting ten aanzien van de federaties (sinds enkele jaren, maar ook recent door het nieuw decreet). Met betrekking tot sportkaderopleidingen noemen we er enkele:
    • Meer trainers (meer cursisten, meer organisaties, verschillende niveaus…)
    • Beter opleiden (meer kwaliteit)
    • Cursussen moeten laagdrempelig worden, zonder aan kwaliteit in te boeten
    • Cursussen moeten gescreend worden
    • Cursussen moeten herschreven worden (i.f.v. de screening, i.f.v. aangepast algemeen gedeelte,…)
    • Er is een tekort aan trainers/vrijwilligers op clubniveau (zowel qua aantal, als qua uren begeleiding die men wil op zich nemen)
      Deze verwachtingen worden zowel door de federaties (en hun leden) zelf, als door externen geponeerd. Ze zijn cruciaal om met de VTS-sportkaderopleidingen in de toekomst de referentie te zijn en te blijven. Daar tegenover staat dat er niet meer middelen zijn, integendeel. Het tipping point is op dat vlak bereikt. Federaties “willen” wel, maar “kunnen” niet (meer). In dat kader vraagt de VSF onder andere naar een oplossing rond de financiering van de DSKO’s.
       
  • Controle en begeleiding docenten
    Federaties zijn vragende partij naar meer (ondersteunende) controle en begeleiding van (de kwaliteit van) docenten. Dit zowel in het kader van kwaliteit als tevredenheid binnen het docentenkorps en de opleidingen.
     
  • Blended learning en e-learning
    Federaties zien enorme kansen op vlak van blended learning/e-learning. VTS mist, omwille van budgettaire redenen, kansen indien hier niet op ingezet wordt. Inzetten op dit aspect vergt budget en expertise. 
     
  • Gelijke profielen en eindcompetenties
    Federaties vinden het belangrijk dat het profiel en de behaalde eindcompetenties binnen elk VTS-niveau sporttakoverschrijdend gelijkaardig zijn. Een generieke benadering is goed, mits er geen generieke aanpak en uitvoering aan gekoppeld is. Flexibiliteit en vertrouwen hebben en geven (beiden binnen een afgebakend kwaliteitskader) zijn daarbij essentiële randvoorwaarden.

    Eens de visienota definitief is, zal de VSF mee ijveren voor de realisatie ervan.

Suggesties? Vragen?

Contacteer Sophie Cools: sophie@vlaamsesportfederatie.be of 09 243 12 90